OPVON opvoedingsondersteuning José Sagasser

Drammen
Mijn dochtertje van 2,5 is een schatje met pit! Ze kan continu drammen en steeds hetzelfde vragen. Midden in de nacht naar beneden willen om "even nieuws te kijken...." zucht, nee dus. Nou ja daar neemt ze geen genoegen mee. In 1 minuut wordt er 40 keer gevraagd of ze naar beneden mag....... ik ben heel duidelijk (denk ik) 'nee, nee, en nog eens nee'. Maar uiteindelijk lig ik zwaar gefrustreerd met mijn hoofd onder de dekens me zelf af te vragen wat ik moet doen!! Zij huilen en schreeuwen. Dolle pret zo in de nachtelijke uurtjes. Dit gedrag kan ze ook in de auto vertonen. De hele rit hetzelfde vragen: lief, eisend, schreeuwend, briesend, schoppend en dan weer lief. Ik weet het gewoon niet meer!
 
Je peuter zit dik in de peuterpuberteit dat is duidelijk. Ze is haar eigen wil aan het uitproberen en ze is aan het uittesten wat het gevolg is van haar gedrag. Zodra een peuter ontdekt dat hij aandacht krijgt met bepaald gedrag gaat hij daarmee door. Net zolang tot hij op een grens stuit, bijvoorbeeld doordat hij géén aandacht meer krijgt. Peuters tasten met hun gedrag hun ouders af, en zodra ze met hun gedrag op een zwakke plek stuiten blijven ze dat betreffende gedrag vertonen. Dat komt doordat die zwakke plek altijd voor aandacht zorgt. Want ouders proberen dan van alles uit om dat gedrag te laten stoppen.  Jouw kind heeft jouw zwakke plek ook gevonden: drammen. Jij kunt daar niet tegen, en probeert heel consequent te zijn. Maar kennelijk ben je met al je consequentheid niet duidelijk genoeg en geef je in ieder geval heel veel aandacht. Als je kind 40 keer vraagt en jij zegt 40 keer nee, dan is er namelijk het ‘nee’spelletje ontstaan. Je kind leert niet dat hij iets niet mag. Maar hij leert dat mama antwoord geeft als hij iets vraagt. Aandacht dus. Wil je je kind echt leren dat drammen niet werkt, dan zul je hem minder aandacht moeten geven. Niet praten, niet uitleggen, niet verbieden, maar je kind oppakken en even op de gang zetten. Of hem weer in zijn bed zetten, zonder uitleg. Zorg dat je lichaamstaal helder is en klopt met wat je doet.

Wat betreft het autorijden: dit is een aparte situatie. Een peuter voelt namelijk haarfijn aan dat jij je aandacht op de weg moet houden als je achter het stuur zit, en dus niet goed kunt reageren. En daar maakt zij weer gebruik van. Dat leidt tot gevaarlijke situaties. Daarom heb ik het volgende advies: begint je kind in de auto te schreeuwen, eisen etc. Rijdt dan naar de eerste parkeerplaats die je tegenkomt en ga stil staan. Wacht net zo lang tot je kind rustig is. Stap eventueel uit en ga naast de auto wachten tot je kind klaar is met boos zijn. Zeg ook maar tegen hem: als je klaar bent met roepen/schreeuwen, dan gaan we weer verder. Op die manier leer je je peuter dat er in de auto tijdens het rijden niet wordt geschreeuwd. Als dit gebeurt wordt er niet verder gereden. Natuurlijk zal je kind tijd nodig hebben om dit te leren. Zij is gewend dat zij aandacht krijgt, dus daar rekent zij nog een paar weken op. Drie weken consequent zijn dus.

 

Constant uitdagen
Ik heb twee kinderen. Een zoontje van 3 jaar en een dochtertje van 1,5 jaar. Echt een geval: "Kan niet met elkaar, maar ook niet zonder elkaar". Waar vooral het probleem zit is het spelen. Als ze samen zijn spelen ze niet, ze zijn alleen elkaar aan het uitdagen (speelgoed afpakken, constant op elkaar letten, ruzie maken). Wat de één pakt, wil de ander uiteraard ook. Het enige spelletje wat ze samen doen ze hard achter elkaar aanrennen in de kamer, wat meestal uitdraait op een huilbui, omdat of mijn dochter geduwd wordt tijdens het rennen door mijn zoon of dat één van beide valt. Ik heb naar mijn mening alles geprobeerd. Kookwekkermethode (om de zoveel minuten mag de ander met het speelgoed), aparte speelhoekjes creëren, mijn zoon op zijn slaapkamer laten spelen, dagen lang heb ik met hun samen gespeeld om het goede voorbeeld te geven.

Kinderen van 3 jaar en 1,5 jaar oud kun je nog niet goed uitleggen wat je van ze verwacht. En dat maakt het opvoeden lastig. Zeker als je twee kinderen hebt die elkaar voortdurend uitdagen en daarmee het uiterste van je geduld vragen. Ze zitten allebei in de peuterpuberteit, en dat betekent dat ze allebei vinden dat zij het centrum van de wereld zijn. Alles moet om een peuter draaien, een peuter wil in alles zijn zin hebben, én een peuter kan nog geen rekening houden met de ander. Natuurlijk is je oudste al een stuk op weg naar de kleutertijd, en hij zal dan ook al beter begrijpen wat het betekent om iets te moeten ‘delen’ of dat hij soms even op zijn beurt moet wachten. Maar het lastige is dat hij in zijn leerproces weer voortdurend gestoord wordt door zijn kleine zusje, dat nog helemaal niet kan wachten, en nog maar nét bezig is haar eigen ‘ik’ te ontdekken. Hij is nog niet groot genoeg om zichzelf in te houden, en zal dan ook snel weer verleid worden door haar gedrag om mee te doen met rennen, uitdagen en ruziemaken. Peuters zijn overigens nog niet goed in ‘luisteren’. Ze reageren nog veel sterker op lichamelijke uitstraling en op emoties dan op wat er werkelijk tegen ze gezegd wordt. Hoe meer je dus probeert uit te leggen, hoe minder je met je peuters zult bereiken. Je wordt er alleen zelf horendol van, en juist die emotie is voor je kinderen weer een belangrijke boodschap. Vaak merken moeders dat peuters juist lastiger en vervelender worden als ze omstandig iets proberen uit te leggen, of dreigen met straf, of allerlei handige regelingen proberen te treffen. De boodschap die de peuters op dat moment overkrijgen is namelijk een heel andere dat je als ouder bedoelt. Jij wilt iets vertellen, en verwacht dat je kind daarop reageert. Maar de kinderen luisteren niet, ze horen alleen dat je praat. En dat praten is aandacht voor ze. En dat willen kinderen heel erg graag krijgen. Dus proberen de kinderen je aan het praten te houden. Ga je weg omdat je je boodschap hebt gezegd… dat beginnen ze dus weer te klieren. Want dan kom je misschien wel weer terug om nog meer te praten. En dat is dan ook vaak zo. Want je komt geïrriteerd terug en zegt: ‘wat heb ik nou gezegd, ik heb net nog gezegd dat jullie moeten stoppen… et cetera.’ De kans bestaat dat je peuters dus ook reageren op je pogingen om hen in het gareel te houden met versterken van hun gedrag. Je schrijft dat je van alles geprobeerd hebt om hen rustig te houden. Er is dus al heel veel aandacht van jou in gaan zitten. En je peuters voelen onbewust aan dat ze die aandacht kunnen krijgen door zich lastig te gedragen. Ga daarom eens bij jezelf na hoe je precies reageert als het weer eens hommeles is. Schrijf het op in een dagboekje, zodat je kunt nagaan op welk moment van de dag het fout gaat, wat er dan gebeurt en wat jij zelf deed. En natuurlijk hoe het afliep. Ga daarna verandering aanbrengen in je eigen aandeel. Zorg dat je zo min mogelijk doet. Loop bijvoorbeeld bewust weg als ze weer samen klieren. Of zet ze zonder mankeren uit elkaar, maar praat niet, wees niet boos, zeg alleen kort: zo gaat het niet, jij hier jij daar. Na een paar minuten als de ergste boosheid dan voorbij is, haal je ze weer binnen en begin je over iets totaal anders. Bijvoorbeeld over een auto die voorbij rijdt. Zo geef je ze aan: het is weer over nu. Maar vliegen ze elkaar weer in de haren, dan reageer je exact op dezelfde manier. Dit moet je dan zo’n drie weken consequent volhouden om je kinderen te leren hoe jij voortaal zult doen. Ze gaan dit testen, omdat ze gewend zijn méér aandacht van je te krijgen. Kinderen kunnen daarbij fantastisch samenwerken. De een begint, de ander springt erop in enzovoort. Wees erop voorbereid, en heb je aanpak dus klaar. Als je steeds maar hetzelfde doet wennen ze er wel aan. Het duurt even, maar daarna is het voor hen duidelijk waar ze met jou aan toe zijn. En dan is de uitdaging verdwenen om nog langer jouw aandacht te pakken. Natuurlijk zullen ze niet van het ene op het andere moment zoet samen spelen. Ze zullen altijd elkaar grenzen blijven tarten, daarvoor zijn het broer en zus. Maar ze zullen in ieder geval niet meer proberen jou in de strijd te betrekken. En dat brengt rust.

Ruzie zoeken
Mijn dochter is bijna 4. Er zijn dagen dat ze erg lief is en goed luistert. Maar soms zijn er dagen dat het "mis" is. Ik merk dat direct 's ochtends al. Ze is dan snel geïrriteerd en lijkt ruzie te zoeken door bv. steeds naar mij te slaan, steeds van tafel te gaan, niet aangekleed willen worden of veel te huilen bv. omdat ik haar de trap niet op wil tillen. Met name het huilen probeer ik zoveel mogelijk te negeren. Als ze echt gedrag vertoont dat ik niet wil, zet ik haar even op de gang. Onze gangdeur is van glas en zeker als ze boos is slaat ze op die deur. Om dit te voorkomen laat ik nu de deur open, met als gevolg dat ze direct weer binnenkomt. Ik breng haar steeds weer terug, totdat de bui over is, maar voor mijn gevoel geef ik haar daardoor juist meer aandacht. Ook als ik haar naar boven breng komt ze direct weer naar beneden. Het principe van time-out spreekt mij aan, maar op deze manier weet ik niet of het goed is. 
 
Ik kan me je probleem voorstellen. De time-out werkt alleen als je kind duidelijk even op een plekje alleen zit, zonder ‘publiek’. Op het moment dat de kamerdeur open blijft heeft ze haar publiek nog steeds, want ze ziet jou in de kamer. Overigens is wat dat betreft een glazen deur sowieso niet handig. Want je kind ziet jou door de kamerdeur heen en zal blijven proberen je aandacht te trekken. Is er misschien een andere plek in huis die rustig is en waar ze niet meteen in het zicht staat? De bijkeuken misschien? Wat je ook kunt doen is haar niet in de gang zetten maar op een tree van de trap, of op een stoeltje in de gang. Kinderen van vier jaar en ouder kun je ook heel goed naar hun eigen kamer sturen, waarbij je dan zegt dat ze weer terug mogen komen als ze weer rustig zijn. Merk je overigens dat je kind negeert wat je zegt, en steeds weer binnenkomt, dan is er iets aan de hand met je uitstraling. Het is heel belangrijk dat je zo gedecideerd overkomt dat je kind naar je luistert omdat ze in de gaten heeft dat het menens is. Kennelijk is dat in jouw geval niet zo, anders zou je dochter niet steeds van haar plaats komen. Wat dat betreft raad ik je aan je eigen uitstraling onder de loep te nemen. Hoe is je houding, hoe staan je ogen, hoe is je stem? Als je iets vragend zegt dan geef je een kind alle reden om met zijn hele lijfje ‘nee’ te roepen. Blijf dus het liefst heel rustig. Emoties zorgen ervoor dat je niet gedecideerd overkomt. Zeg kort en krachtig dat ze naar de gang moet. Schouders naar achteren, rechtop staan… laat haar zien dat jij de baas bent, door je houding en stem. Weet je niet goed hoe je overkomt? Oefen dan gewoon een paar keer in de spiegel of zet jezelf eens op de video. Of vraag je partner om advies. Als het je lukt om tegen hem overtuigend te zijn, dan kun je het bij je kind ook.





meer vragen >>





OVER ONS
info@opvoedingsvragen.nl
© OPVON Opvoedingsvragen
VOLG ONS

LEUKE LINKJES
Kinderkleding